Easy Install - www.easyfiber4all.nl
header (1100x343)

Easy Install

Hoe vaak gebeurt het niet, dat een aannemer bij een bedrijf, met een bestaand of nieuw gebouw, alle bekabeling  aanlegt en afmonteert (denk aan UTP / STP, Coax, Brandbeveiliging, Intercom e.d.), maar de glasvelkabel niet zelf kan afwerken? Hiervoor moeten ze dan een ander bedrijf inhuren, waardoor er vaak geen winst gemaakt wordt op dit gedeelte van de klus!

Hiervoor heeft Easy Fiber 4 All twee oplossingen, namelijk het unieke concept 'Glasvezel-netwerken Easy Install' en de 'Op-maat-gemaakte kabels (prefab kabels)'! Over dit laatste leest u in het kopje
"Custom-made (prefab) kabels".

Als u het kopje
"Uitleg Glasvezel-Netwerken" nog niet heeft gelezen, willen we u hier eerst naar doorverwijzen.

Met deze wetenswaardigheden, gaan we het concept verduidelijken.

Het is dus de bedoeling dat een bedrijf, dat niet volledig is uitgerust voor glasvezel-netwerken, toch een glasvezelkabel aan beide kanten kan afwerken. Voorop staat wel, dat het werk wordt uitgevoerd, door iemand die zeer precies kan werken en wel weet waar die mee bezig is. Glasvezel is zeer fijn en kwetsbaar en behoeft daarom ook zeker enige souplesse.

Als de kabel op de juiste plek ligt, kan er worden begonnen met het strippen van de buitenkant van de kabel en vervolgens de tubes. Er moet ongeveer 1 meter vezel gestript in de behuizing liggen. Om de vezels zit nu nog alleen de coating van 250 um. Nu kan de Fanout-set geplaatst worden. Eerst komt de verdeler om de kop van de kabel (tot waar de kabel is gestript). Hierin worden de vezels verdeeld en gaan ze verder door de bescherming. Deze kan 900 um (zoals bij een pigtail) zijn of 2 mm (zoals bij een patchkabel). Vervolgens kunnen de vezels op maat gemaakt worden, dan op de juiste lengte gestript (met vezelstripper 250 um), schoongemaakt (met een vezelvrij doekje en alcohol) en gecleaved (zuiver recht afgesneden) worden. De kracht van ons concept zit in de ‘Quick Install Connector’. Deze connector heeft in de ferule een stukje prefab-vezel afgewerkt zitten. Bij het contactvlak is deze kant en klaar gemaakt, gepolijst en wel. De andere kant van de vezel bevindt zich in de connector en is zuiver recht gecleaved.  Er zit een soort gel om deze vezel. Als de vezel uit de kabel (die schoongemaakt en gecleaved is) op de juiste manier bij de connector wordt ingebracht, komen de beide vezels zuiver recht voor elkaar, dankzij een geleider in de connector. De gel vult de eventuele oneffenheden of spleetjes op, waardoor het signaal zo goed mogelijk doorkomt. Als dit is gedaan, kunnen de connectoren in de adapters van de betreffende behuizing gemonteerd worden. Let op dat het contactvlak nergens tegenaan gestoten wordt o.i.d. en dat er geen vuil of stofjes op kunnen komen. Bij het minste geringste krasje of vuiltje (die men met het blote oog niet kan zien) kan het signaal verminkt worden. Of er kan meer demping of reflectie optreden dan nodig is.

Om de totale demping te meten, heeft Easy Fiber 4 All ook een goed betaalbare oplossing. In dit geval gaat het om een setje van een Optische Lichtbron en een Optische Powermeter en dan de juiste patchkabeltjes hierbij. Bedenk altijd goed  welke type vezel en welke type connector er gebruikt wordt of moet worden. Dit is heel belangrijk voor zowel de aanleg, als voor de meting. Sommige bedrijven willen per se een OTDR-meting bij de oplevering van een glasvezel-netwerk. Dit is een specialistisch werk en een dure investering. Dus dit blijft voor de specialist! Ook moet er rekening gehouden worden met eventuele eisen van de opdrachtgever aan het nieuw aangelegde glasvezel-netwerk. Vaak gaat dit om specifieke dempingswaarden en reflectiewaarden van de connectoren en eventuele lassen (in geval van fusielassen).
Het meten met een Optische Lichtbron en een Optische Powermeter, is alleen om de totale demping te bepalen (dus de vezel in de kabel en de beide connectoren). Ook is dit niet op te slaan of over te dragen. Dus puur om te weten of alles goed is gegaan qua monteren op basis van demping. Voor de meeste simpele interne glasvezel-verbindingen is dit op zich wel voldoende, maar altijd voor de tijd controleren wat de wens is van de opdrachtgever.
 
Voorbeeld-lijst van benodigdheden voor het maken van een glasvezel-verbinding van ongeveer 100 meter MM-OM3 met LC/PC Duplex connectoren, waarbij 12 vezels worden afgewerkt:
-100 meter MM-OM3 Glasvezelkabel.
-2 x  Behuizing (afhankelijk van de toepassing, 19 inch ODF/Laslade/Patchpaneel of DIN-rail box).
-12 x LC/PC MM-OM3 Duplex adapters.
-24 x LC/PC MM-OM3 Quick Install Connectors.
-2 x Fan Out-set (12-voudig).
 
Benodigde gereedschappen voor de installatie van een Glasvezel-Netwerk Easy Install:
-Buitenmantel stripper (de naam zegt het al).
-Kevlarschaar (de naam zegt het al).
-Tubestripper (de naam zegt het al).
-Vezelstripper (voor het verwijderen van de coating van de vezel, wij raden aan om een 3-gats stripper aan te schaffen. Hiermee kan de coating van de vezel (250 um), de bescherming van een pigtail (900 um) én de buitenmantel van een patchsnoer (2-3 mm) gestript worden).
-Cleaver (hiermee wordt de vezel zuiver echt afgesneden. Dit is een  onmisbaar stuk gereedschap).
-Alcoholdispenser met alcohol (minimaal 96%) (voor het reinigen van de vezel, voordat die gecleaved wordt).
-Vezelvrije doekjes / KIM wipes (voor het reinigen van de vezel i.c.m. alcohol, voordat die gecleaved wordt).
 
Benodigde apparaten, voor de ‘Totale dempingsmeting’ en eventuele foutopsporingen:
-1 x Optiche Lichtbron of Lightsource(voor de juiste vezel, 850+1300 nm voor MM en 1310+1550 nm voor SM)
-1 x Optische Powermeter
-2 x Patchkabel met de juiste connectoren en vezeltype voor betreffende netwerk.
-1 x Adapter (met de juiste connector aansluiting), om eerst de Powermeter te ‘Nullen’.
-1 x Visual Fault Locator. Hiermee kan zichtbaar licht op de vezel worden gezet, waardoor fouten snel zichtbaar worden of vezelkruizingen uitgezocht kunnen worden.
 
Het 'Nullen' van de Optische Powermeter:
-Sluit de apparaten aan zoals hieronder.
-Zet beide apparaten aan. De lichtbron zend een optisch signaal en de powermeter ontvangt dit signaal.
-Nu kan de powermeter op o dB gezet worden, waardoor de demping makkelijk af te lezen is tijdens het meten.
-Door de beide patchkabels aan elkaar te koppelen (middels een adapter), wordt de demping van de connectoren van die kabels uitgesloten. Als de adapter nu verwijderd wordt en deze connectoren aangesloten worden op weerskanten van eenzelfde vezel, wordt alleen de demping van de connectoren en de glasvezel in het netwerk gemeten.